In 1998 werd in de gemeente Zwolle gestart met een inventarisatieproject roofvogels. De doelstelling sluit aan bij die van de Werkgroep Roofvogels Nederland (WRN). Als werkwijze word de 'Handleiding veldonderzoek Roofvogels' (Bijlsma '97) gebruikt. De werkgroep groeide in de loop der jaren en bestaat nu uit ca. 10 personen.
Doelstelling is om in en rond de gemeente Zwolle alle territoria van de voorkomende roofvogels en uilen in kaart te brengen en de broedresultaten vast te leggen.

Nadat in 1998 de inventarisatie op gang kwam steeg onze verbazing over de aantallen broedende roofvogels. Dat in zo'n stedelijke omgeving jaarlijks tussen de 90 en 110 paren roofvogels tot broeden komen had niemand kunnen denken.

Alle territoria van roofvogels en uilen worden vastgesteld en alle broedgevallen worden zo mogelijk meerdere malen in het seizoen bezocht om het broedsucces (het aantal eieren, aantal jongen en het aantal uitgevlogen jongen) vast te leggen.
Ook worden zo veel mogelijk nestjongen geringd. Dit draagt bij aan landelijk onderzoek om meer te weten te komen over dispersie en overleving. Het ringen vindt plaats onder auspiciën van het Vogeltrekstation in Wageningen – onderdeel van het NIOO.

In 2001 werd een RAS-project gestart bij torenvalken. De torenvalk komt in het gebied in een, vergeleken met landelijke cijfers, vrij hoge dichtheid. Daar de stad Zwolle sterk uitbreid met woningbouw en industrieterreinen is het interessant te onderzoeken hoe de torenvalken omgaan met deze veranderingen; moeten ze wijken of kunnen ze zich handhaven?

Aan het eind van het seizoen een rapportage opgesteld om alle resultaten en bijzonderheden vast te leggen. Een belangrijk onderdeel van ons werk is bescherming. Roofvogels worden door een bepaalde groep mensen nog steeds gezien als een soort concurrent of schadelijk omdat ze ook zangvogels eten. Roofvogels zijn door de wet beschermd en iedere overtreding zullen wij bij het bevoegd gezag melden. Door voorlichting te geven hopen te bereiken dat mensen gaan inzien dat de roofvogels een belangrijke en onmisbare functie hebben in de voedselketen.